Verpleegkunde Nummer 1 , pp. 6-13
mrt 2019, jaargang 34
Verpleegkunde Nr. 1 , pp. 6-13
mrt 2019, jr. 34
Onderzoeksartikel

Veranderende zorgrelaties bij het gebruik van beeldschermzorg: kennissynthese

DOEL
Het in kaart brengen van opvattingen en ervaringen van zorgverleners en zorgvragers met betrekking tot de invloed van beeldschermzorg op de zorgrelatie en eigen regie in de thuiszorg.

METHODE
Kennissynthese op basis van vijf kleinschalige kwalitatieve studies naar opvattingen en ervaringen ten aanzien van beeldschermzorg. Dit is gebaseerd op interviews met respectievelijk 31 zorgvragers, 36 zorgverleners en negen managers.

RESULTATEN
Uit de resultaten bleek dat beeldschermzorg invloed heeft op zowel de mate van nabijheid in de relatie (tussen zorgverleners en zorgvragers) als op de verdeling van regie in de relatie. Ook gaven de resultaten inzicht in opvattingen over de wijze waarop dit gefaciliteerd moet worden.

DISCUSSIE
Opvallend was dat beeldschermzorg vooral door mensen die er ervaring mee hebben wordt geassocieerd met nabijheid in de relatie. Ook werden aan het gebruik van beeldschermzorg waarden toegeschreven (zoals controle door zorgverleners en autonomie van zorgvrager) die met elkaar op gespannen voet staan. Ten slotte bleken zorgverleners en zorgvragers verschillende opvattingen te hebben over het faciliteren van beeldschermzorg.

CONCLUSIE
Bij toepassing van beeldschermzorg dient de verdeling van rollen, taken en verantwoordelijkheden tussen zorgverleners en zorgvragers te worden geëxpliciteerd en afgestemd. Daarbij is het raadzaam om regelmatig te (blijven) evalueren hoe de zorgrelatie verandert als beeldschermzorg wordt geïntroduceerd.

Literatuur

  1. RIVM. Trends in de volksgezondheid. Levensverwachting stijgt, maar verschillen tussen sociaaleconomische groepen zijn groot. Te raadplegen op: http://eengezondernederland.nl/Een_gezonder_Nederland/Highlights/Trends_in_de_volksgezondheid (bekeken op 8 december 2017).
  2. Schippers E, van Rijn M. Informatieen Communicatietechnologie (ICT) in de Zorg. Brief van de minister en staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Den Haag: Tweede Kamer der Staten Generaal; 2014.
  3. Krijgsman J, Rauwerda F. Communicatie in de zorg van scherm tot scherm. Den Haag: NICTIZ; 2015.
  4. Harder-Drayer C. Zorg-op-afstand is dichterbij dan je denkt. Vakblad voor opleiders in het gezondheidszorgonderwijs 2013;7:6-9.
  5. Van Duijvendijk I, van den Akker I. Een deur naar de rest van de wereld. Succesfactoren en barrières bij de implementatie van beeldschermzorg. Den Haag: NICTIZ/Trendition; 2015.
  6. Wouters E, van der Zijpp T, Nieboer M. (B)eHealth. Technologie voor een gezonde toekomst. Houten: Bohn Stafleu van Lochem; 2017.
  7. CBO Zorgmodule zelfmanagement 1.0 Het ondersteunen van eigen regie bij mensen met één of meer chronische ziekten. Te raadplegen op: http://www.kennispleinchronischezorg.nl/docs/KCZ/Zorgmodule_Zelfmanagement_1.0.pdf (bekeken op 14 juni 2018).
  8. Van Staa A, Mies L, ter Maten-Speksnijder A. Verpleegkundige ondersteuning bij zelfmanagement en eigen regie. Houten: Bohn Stafleu van Lochem; 2018.
  9. Inglis SC, Clark RA, McAlister FA, et al. Structured telephone support or telemonitoring programmes for patients with chronic heart failure. Cochrane Database Syst Rev 2010;(8):CD007228.
  10. Heneghan CJ, Garcia-Alamino J, Spencer EA, et al. Self monitoring and self-management of oral anticoalulation therapy. Cochrane Database Syst Rev 2016;(7):CD003839.
  11. Vassilev I, Rowsell A, Pope C, et al. Assessing the implementability of telehealth interventions for selfmanagement support: a realist review. Implement Sci 2015;10:59.
  12. Murray E, Burns J, May C, et al. Why is it difficult to implement e-health initiatives? A qualitative study. Implement Sci 2011;6:6.
  13. Mair F, May C, O’Donnell C, et al. Factors that promote or inhibit the implementation of e-health systems: an explanatory systematic review. Bull World Health Organ 2012; 90:357-64.
  14. Peeters J, Wiegers T, de Bie J, Friele R. Technologie in de zorg thuis - Nog een wereld te winnen! Utrecht: NIVEL; 2013.
  15. Sponselee AAG. Acceptance and effectiveness of telecare services from the end-user perspective (Proefschrift). Eindhoven: Technische Universiteit Eindhoven; 2013.
  16. Adriaansen M, Hoekstra S, Stunnenberg L. Implementatie van beeldschermzorg, TVZ - Tijdschrift voor verpleegkundige experts 2016;126(4):38-40.
  17. Alpay L, Verhoef J, van Wely L. E-health voor zelfmanagement en zelfmanagementondersteuning in de verpleegkundige praktijk. Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice 2015;13(3): 4-6.
  18. Nieboer M, Wouters E, van Hoof J, et al. Professional values, technology and future health care: The view of health care professionals in The Netherlands. Technology in Society 2014;39:10-7.
  19. Postema TR, Peeters JM, Friele RD. Key factors influencing the implementation success of a home telecare application. Int J Med Inform 2012;81:415-23.
  20. Jacobs G. Ontwikkelen van verbindingen; persoonsgerichte en evidence-based praktijkvoering in zorg en welzijn. Eindhoven: Fontys Hogescholen; 2013.
  21. Jacobs G, Janssen B. Eigen regie en waardigheid in de zorg: een kwestie van persoonsgerichte praktijkvoering. Journal of Social Intervention: Theory and Practice 2018;27(6):48-64.
  22. Boonen M. Nurses in space. A qualitative empirical and conceptual study into the use of a drug safety system by nurses in an orthopaedic ward of a general hospital (Proefschrift). Utrecht: Universiteit voor Humanistiek; 2017.
  23. Van Hout A, Janssen R, Hettinga M, et al. Good telecare: on accessible mental health care. International Journal on Advances in Life Sciences 2016;8(3-4): 214-21.
  24. De Kok E, van der Wal R. Ervaringen van zorgverleners en cliënten met betrekking tot een persoonsgerichte benadering bij het gebruik van beeldschermzorg (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  25. Martens C, Verhees M. “Beeldbellen doe je zo! Of toch niet?” (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  26. Lelieveld V, Schepers M. Het management en hun rol binnen effectieve implementatie in de gezondheidszorg (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  27. Van Bellen A, van Hees K. “Je bent er niet altijd mee bezig en als je dan een duwtje krijgt kan dit zeker helpen om ZIB meer in te zetten” (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2017.
  28. Van Houten M, Bles M. Beeldzorg, een zorg in beeld (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2017.
  29. McCormack B, Karlsson B, Dewing J, et al. Exploring person-centredness: a qualitative meta-synthesis of four studies. Scand J Caring Sci 2010;24:620-34.
  30. Zimmer L. Qualitative meta-synthesis: a question of dialoguing with texts. J Adv Nurs 2006;53:311-8.
  31. Braun V, Clarke V. Using thematic analysis in psychology. Qual Res Psychol 2006;3:77-101.
  32. Lindseth A, Norberg A. A phenomenological hermeneutical method for researching lived experience. Scand J Caring Sci 2004;18:145-53.
  33. Doorten I. Ver weg en toch dichtbij. Ethische overwegingen bij zorg op afstand. Den Haag: Centrum voor Ethiek en Gezondheid; 2010.
  34. Wouters M, Swinkels I, Sinnige J, et al. eHealth Monitor. Utrecht/Den Haag: NIVEL/NICTIZ; 2017.
  35. Pols J. Wonderful webcams. About active gazes and invisible technologies. Sci Technol Hum Val 2010; 36:451-73.
  36. Janssen R, Prins H, van Hout A, et al. Videoconferencing in mental health care. Professional dilemmas in a changing health care practice. eTelemed: the seventh International Conference on eHealth, Telemedicine and Social medicine. Lissabon, Portugal; 22-27 februari 2015.
  37. Penny RA, Bradford NK, Langbecker D. Registered nurse and midwife experiences of using videoconferencing in practice: a systematic review of qualitative studies. J Clin Nurs 2018;27:e739-e752
  38. Van Wynsberghe A, Gastmans C. Telepsychiatry and the meaning of in-person contact: a preliminary ethical appraisal. Med Health Care Philos 2009;12:469-76.
  39. Van den Berg N, Schumann M, Kraft K, et al. Telemedicine and telecare for older patients, a systematic review. Maturitas 2012;73:94-114.
  40. Rademakers J. De actieve patiënt als utopie. Rede uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder Hoogleraar Gezondheidsvaardigheden en patiëntparticipatie aan de Faculteit Health, Medicine and Life Sciences van Maastricht University. Utrecht; 2016.
  41. Mort M, Roberts C, Pols J, et al. Ethical implications of home telecare for older people: a framework derived from a multisited participative study. Health Expect 2013;18:438-49.
  42. Van Hout A. Mindset changes among health-care professionals and the use of technology. In: Van Hoof J, Demiris G, Wouters E (Eds.). Handbook of Smart Homes, Health Care and Well-being Springer Reference; 2017.
  43. Peeters JM, de Veer AJ, van der Hoek L, et al. Factors influencing the adoption of home telecare by elderly or chronically ill people: a national survey. J Clin Nurs 2012;21:3183-93.
Onderzoeksartikel

Veranderende zorgrelaties bij het gebruik van beeldschermzorg: kennissynthese

DOEL
Het in kaart brengen van opvattingen en ervaringen van zorgverleners en zorgvragers met betrekking tot de invloed van beeldschermzorg op de zorgrelatie en eigen regie in de thuiszorg.

METHODE
Kennissynthese op basis van vijf kleinschalige kwalitatieve studies naar opvattingen en ervaringen ten aanzien van beeldschermzorg. Dit is gebaseerd op interviews met respectievelijk 31 zorgvragers, 36 zorgverleners en negen managers.

RESULTATEN
Uit de resultaten bleek dat beeldschermzorg invloed heeft op zowel de mate van nabijheid in de relatie (tussen zorgverleners en zorgvragers) als op de verdeling van regie in de relatie. Ook gaven de resultaten inzicht in opvattingen over de wijze waarop dit gefaciliteerd moet worden.

DISCUSSIE
Opvallend was dat beeldschermzorg vooral door mensen die er ervaring mee hebben wordt geassocieerd met nabijheid in de relatie. Ook werden aan het gebruik van beeldschermzorg waarden toegeschreven (zoals controle door zorgverleners en autonomie van zorgvrager) die met elkaar op gespannen voet staan. Ten slotte bleken zorgverleners en zorgvragers verschillende opvattingen te hebben over het faciliteren van beeldschermzorg.

CONCLUSIE
Bij toepassing van beeldschermzorg dient de verdeling van rollen, taken en verantwoordelijkheden tussen zorgverleners en zorgvragers te worden geëxpliciteerd en afgestemd. Daarbij is het raadzaam om regelmatig te (blijven) evalueren hoe de zorgrelatie verandert als beeldschermzorg wordt geïntroduceerd.

Literatuur

  1. RIVM. Trends in de volksgezondheid. Levensverwachting stijgt, maar verschillen tussen sociaaleconomische groepen zijn groot. Te raadplegen op: http://eengezondernederland.nl/Een_gezonder_Nederland/Highlights/Trends_in_de_volksgezondheid (bekeken op 8 december 2017).
  2. Schippers E, van Rijn M. Informatieen Communicatietechnologie (ICT) in de Zorg. Brief van de minister en staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Den Haag: Tweede Kamer der Staten Generaal; 2014.
  3. Krijgsman J, Rauwerda F. Communicatie in de zorg van scherm tot scherm. Den Haag: NICTIZ; 2015.
  4. Harder-Drayer C. Zorg-op-afstand is dichterbij dan je denkt. Vakblad voor opleiders in het gezondheidszorgonderwijs 2013;7:6-9.
  5. Van Duijvendijk I, van den Akker I. Een deur naar de rest van de wereld. Succesfactoren en barrières bij de implementatie van beeldschermzorg. Den Haag: NICTIZ/Trendition; 2015.
  6. Wouters E, van der Zijpp T, Nieboer M. (B)eHealth. Technologie voor een gezonde toekomst. Houten: Bohn Stafleu van Lochem; 2017.
  7. CBO Zorgmodule zelfmanagement 1.0 Het ondersteunen van eigen regie bij mensen met één of meer chronische ziekten. Te raadplegen op: http://www.kennispleinchronischezorg.nl/docs/KCZ/Zorgmodule_Zelfmanagement_1.0.pdf (bekeken op 14 juni 2018).
  8. Van Staa A, Mies L, ter Maten-Speksnijder A. Verpleegkundige ondersteuning bij zelfmanagement en eigen regie. Houten: Bohn Stafleu van Lochem; 2018.
  9. Inglis SC, Clark RA, McAlister FA, et al. Structured telephone support or telemonitoring programmes for patients with chronic heart failure. Cochrane Database Syst Rev 2010;(8):CD007228.
  10. Heneghan CJ, Garcia-Alamino J, Spencer EA, et al. Self monitoring and self-management of oral anticoalulation therapy. Cochrane Database Syst Rev 2016;(7):CD003839.
  11. Vassilev I, Rowsell A, Pope C, et al. Assessing the implementability of telehealth interventions for selfmanagement support: a realist review. Implement Sci 2015;10:59.
  12. Murray E, Burns J, May C, et al. Why is it difficult to implement e-health initiatives? A qualitative study. Implement Sci 2011;6:6.
  13. Mair F, May C, O’Donnell C, et al. Factors that promote or inhibit the implementation of e-health systems: an explanatory systematic review. Bull World Health Organ 2012; 90:357-64.
  14. Peeters J, Wiegers T, de Bie J, Friele R. Technologie in de zorg thuis - Nog een wereld te winnen! Utrecht: NIVEL; 2013.
  15. Sponselee AAG. Acceptance and effectiveness of telecare services from the end-user perspective (Proefschrift). Eindhoven: Technische Universiteit Eindhoven; 2013.
  16. Adriaansen M, Hoekstra S, Stunnenberg L. Implementatie van beeldschermzorg, TVZ - Tijdschrift voor verpleegkundige experts 2016;126(4):38-40.
  17. Alpay L, Verhoef J, van Wely L. E-health voor zelfmanagement en zelfmanagementondersteuning in de verpleegkundige praktijk. Nederlands Tijdschrift voor Evidence Based Practice 2015;13(3): 4-6.
  18. Nieboer M, Wouters E, van Hoof J, et al. Professional values, technology and future health care: The view of health care professionals in The Netherlands. Technology in Society 2014;39:10-7.
  19. Postema TR, Peeters JM, Friele RD. Key factors influencing the implementation success of a home telecare application. Int J Med Inform 2012;81:415-23.
  20. Jacobs G. Ontwikkelen van verbindingen; persoonsgerichte en evidence-based praktijkvoering in zorg en welzijn. Eindhoven: Fontys Hogescholen; 2013.
  21. Jacobs G, Janssen B. Eigen regie en waardigheid in de zorg: een kwestie van persoonsgerichte praktijkvoering. Journal of Social Intervention: Theory and Practice 2018;27(6):48-64.
  22. Boonen M. Nurses in space. A qualitative empirical and conceptual study into the use of a drug safety system by nurses in an orthopaedic ward of a general hospital (Proefschrift). Utrecht: Universiteit voor Humanistiek; 2017.
  23. Van Hout A, Janssen R, Hettinga M, et al. Good telecare: on accessible mental health care. International Journal on Advances in Life Sciences 2016;8(3-4): 214-21.
  24. De Kok E, van der Wal R. Ervaringen van zorgverleners en cliënten met betrekking tot een persoonsgerichte benadering bij het gebruik van beeldschermzorg (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  25. Martens C, Verhees M. “Beeldbellen doe je zo! Of toch niet?” (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  26. Lelieveld V, Schepers M. Het management en hun rol binnen effectieve implementatie in de gezondheidszorg (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2016.
  27. Van Bellen A, van Hees K. “Je bent er niet altijd mee bezig en als je dan een duwtje krijgt kan dit zeker helpen om ZIB meer in te zetten” (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2017.
  28. Van Houten M, Bles M. Beeldzorg, een zorg in beeld (Afstudeeropdracht). Eindhoven: Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid; 2017.
  29. McCormack B, Karlsson B, Dewing J, et al. Exploring person-centredness: a qualitative meta-synthesis of four studies. Scand J Caring Sci 2010;24:620-34.
  30. Zimmer L. Qualitative meta-synthesis: a question of dialoguing with texts. J Adv Nurs 2006;53:311-8.
  31. Braun V, Clarke V. Using thematic analysis in psychology. Qual Res Psychol 2006;3:77-101.
  32. Lindseth A, Norberg A. A phenomenological hermeneutical method for researching lived experience. Scand J Caring Sci 2004;18:145-53.
  33. Doorten I. Ver weg en toch dichtbij. Ethische overwegingen bij zorg op afstand. Den Haag: Centrum voor Ethiek en Gezondheid; 2010.
  34. Wouters M, Swinkels I, Sinnige J, et al. eHealth Monitor. Utrecht/Den Haag: NIVEL/NICTIZ; 2017.
  35. Pols J. Wonderful webcams. About active gazes and invisible technologies. Sci Technol Hum Val 2010; 36:451-73.
  36. Janssen R, Prins H, van Hout A, et al. Videoconferencing in mental health care. Professional dilemmas in a changing health care practice. eTelemed: the seventh International Conference on eHealth, Telemedicine and Social medicine. Lissabon, Portugal; 22-27 februari 2015.
  37. Penny RA, Bradford NK, Langbecker D. Registered nurse and midwife experiences of using videoconferencing in practice: a systematic review of qualitative studies. J Clin Nurs 2018;27:e739-e752
  38. Van Wynsberghe A, Gastmans C. Telepsychiatry and the meaning of in-person contact: a preliminary ethical appraisal. Med Health Care Philos 2009;12:469-76.
  39. Van den Berg N, Schumann M, Kraft K, et al. Telemedicine and telecare for older patients, a systematic review. Maturitas 2012;73:94-114.
  40. Rademakers J. De actieve patiënt als utopie. Rede uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder Hoogleraar Gezondheidsvaardigheden en patiëntparticipatie aan de Faculteit Health, Medicine and Life Sciences van Maastricht University. Utrecht; 2016.
  41. Mort M, Roberts C, Pols J, et al. Ethical implications of home telecare for older people: a framework derived from a multisited participative study. Health Expect 2013;18:438-49.
  42. Van Hout A. Mindset changes among health-care professionals and the use of technology. In: Van Hoof J, Demiris G, Wouters E (Eds.). Handbook of Smart Homes, Health Care and Well-being Springer Reference; 2017.
  43. Peeters JM, de Veer AJ, van der Hoek L, et al. Factors influencing the adoption of home telecare by elderly or chronically ill people: a national survey. J Clin Nurs 2012;21:3183-93.
Over dit artikel
Auteurs
Teatske van der Zijpp, Maaike Hamers-Janssen, Herm Kisjes, Jotine Leijtens, Marcel van Ham, Anne-mie Sponselee
Over de auteurs

Dr. Teatske van der Zijpp, docent en programmaleider technologie in zorg bij het Lectoraat persoonsgerichte Praktijkvoering van Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Dr. Maaike Hamers-Janssen, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Drs. Herm Kisjes, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid en verpleegkundig specialist GGZ bij GGZ Momentum.
Drs. Jotine Leijtens, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid en Lecturer Practitioner bij de Zorgboog.
Drs. Marcel van Ham, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Dr. Anne-mie Sponselee, docent en onderzoeker bij het Lectoraat persoonsgerichte Praktijkvoering van Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.

Correspondentieadres: t.vanderzijpp@fontys.nl

Printdatum
15 maart 2019
E-pubdatum
18 maart 2019
ISSN print
0920-3273
ISSN online
2468-2225


Over dit artikel
Auteurs
Teatske van der Zijpp, Maaike Hamers-Janssen, Herm Kisjes, Jotine Leijtens, Marcel van Ham, Anne-mie Sponselee
Over de auteurs

Dr. Teatske van der Zijpp, docent en programmaleider technologie in zorg bij het Lectoraat persoonsgerichte Praktijkvoering van Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Dr. Maaike Hamers-Janssen, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Drs. Herm Kisjes, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid en verpleegkundig specialist GGZ bij GGZ Momentum.
Drs. Jotine Leijtens, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid en Lecturer Practitioner bij de Zorgboog.
Drs. Marcel van Ham, docent bij Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.
Dr. Anne-mie Sponselee, docent en onderzoeker bij het Lectoraat persoonsgerichte Praktijkvoering van Fontys Hogeschool Mens en Gezondheid.

Correspondentieadres: t.vanderzijpp@fontys.nl

Printdatum
15 maart 2019
E-pubdatum
18 maart 2019
ISSN print
0920-3273
ISSN online
2468-2225